Wat te doen bij borstontsteking?

Zo'n honderd jaar geleden betekende het krijgen van mastitis meestal het einde van de borstvoeding. 'Opbinden en zalflappen en in geval van abces het openen daarvan'. Als oorzaak werd gezien 'infectie door wondjes aan de tepel.' Ook nu nog wordt lang niet door iedere hulpverlener onderkend dat borstontstekingen op verschillende manieren kunnen ontstaan en dat de infectie van buitenaf niet de meest voorkomende oorzaak is. Het is echter wel van belang enig inzicht te hebben in de oorzaak van een mastitis, omdat dat consequenties heeft voor de te kiezen behandeling. Bij borstvoedende moeders die grieperige verschijnselen hebben moet altijd eerst aan een borstontsteking worden gedacht. De mastitis kenmerkt zich door koorts boven de 38.4oC en één of meer pijnlijke plekken in één of beide borsten.
De meest voorkomende vorm van mastitis, is die van het verstopte melkkanaal. Deze vorm komt vrijwel altijd unilateraal voor en het gaat meestal om een stafylococceninfectie. In de lactatiekunde gaan we ervan uit, dat we in dit geval niet de ontsteking moeten bestrijden, maar de oorzaak van de ontsteking. Zien we kans het verstopte kanaal weer vrij te krijgen, dan zal de ontsteking ook vanzelf verdwijnen. We doen dit door de vrouw veel rust te laten nemen; in elk geval door te laten gaan met de borstvoeding; liefst vaker te laten voeden aan de pijnlijke kant; vochtige 'hete' compressen te laten gebruiken en haar meer te laten drinken. Die warme compressen worden nog wel eens als gevaarlijk gezien, ze zouden de infectie bevorderen. Echter, warme compressen voor elke voeding maken dat de melkkanalen zich verwijden, zodat de melk beter kan stromen en de verstopping gemakkelijker opgeheven wordt. Dit in tegenstelling tot koude compressen. Koude compressen en compressen met kwark, tofu en wat er nog meer de ronde doet, kunnen ter bestrijding van de pijn eventueel tussen de voedingen gebruikt worden, maar ze helpen niet met het oplossen van het probleem. Koortsige vrouwen vinden warme compressen overigens meestal prettiger dan koude. Met deze behandeling zal de koorts van de moeder meestal binnen 24 uur één tot twee graden zijn gedaald. De behandeling moet worden voortgezet tot de ontsteking helemaal weg is. Is de koorts niet binnen 24 uur ten minste een graad gedaald, dan is een antibioticum ter ondersteuning van de behandeling op zijn plaats. Dit zal echter zelden nodig zijn. Een goede borstvoedinganamnese is op zijn plaats om te achterhalen wat de oorzaak van de mastitis is geweest, om mogelijke herhaling te voorkomen.
De tweede oorzaak, de infectie van buitenaf, treedt veelal vroeg in de lactatieperiode op wanneer vrouwen kapotte tepels hebben. Wanneer de infectie bilateraal voorkomt is er mogelijk sprake van een streptococceninfectie. In principe wordt dezelfde behandeling gestart. Wanneer duidelijk is dat het niet om een verstopt melkkanaal gaat, zal meteen tot het toedienen van antibiotica moeten worden overgegaan. Opgepast moet worden, niet elke mastitis van een moeder met kapotte tepels tot een infectie van buitenaf te verklaren. Ook dan is de kans op een verstopt melkkanaal groter.
De derde oorzaak van mastitis is de candidiasis van de borst. Doordat de Candida Albicans zich in de melkkanalen nestelt, ontstaan er zwellingen in de borst waardoor ook verstopping optreedt. De gebruikelijke behandeling is dan niet voldoende en moet worden aangevuld met een antimycoticum. Het geven van antibiotica kan in dit geval de droei van de Candida versterken. Veelal zal niet in eerste instantie duidelijk zijn wat de oorzaak van een mastitis is. Wanneer de gebruikelijke behandeling geen of onvoldoende resultaat heeft, kan een lactatiekundige worden geraadpleegd.

 Bron: Siemian Berghuijs,
         lactatiekundige IBCLC (International Board of Certified Lactation Consultants)